Zoek...
ALBUM RECENSIE
DOOR SHAZLIQUE
2015-04-11 07:00:00 • 5 min lezen

Gavin Harrison - Cheating The Polygraph

Gavin Harrison – Cheating The Polygraph

Label: Kscope

Eindoordeel: 8,5/10

 

 

Side-men

Het leuke aan de muzikanten die Steven Wilson kiest voor zijn projecten is dat hun eigen werk vaak een stuk meer buiten de muzikale boekjes gaat dan het werk van de meester zelf. The Aristocrats bijvoorbeeld, het bandje rond gitarist Guthrie Govan en drummer Marco Minneman, doet alles wat God verboden heeft in speltechnisch en compositorisch opzicht terwijl de heren, in dienst van Wilson, veelal binnen strak afgebakende kaders moeten kleuren. En nu hebben we deze CD van drummer Gavin Harrison die ons een blik gunt op hoe hij songs uit de Porcupine Tree-catalogus in gedachten hoort. En dat is, op z’n zachtst gezegd, radicaal anders dan de visie van Wilson.

 

De deur in huis

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: dit is een avant-gardistisch big band album. Het is dat je weet dat Harrison de songs van zijn voormalige broodheer als basis voor zijn experiment heeft genomen, want aan de uitvoeringen zelf is het niet (of in lichte mate) af te horen. Deze muziek is veel meer schatplichtig aan Benny Goodman, Glenn Miller en Count Basie (en absoluut aan het klassieke werk van Frank Zappa) dan ze dat is aan Pink Floyd, Radiohead en Tool. Hier en daar hoor je een flard van een thema dat je kent van de PT-platen waarop Harrison speelde, maar dat is het dan ook wel. ‘So Called Friend’, een b-kantje van het ‘Deadwing’-album, is hiervan een duidelijk voorbeeld. Of songs als ‘Heartattack In A Layby’ en ‘Hatesong’. Voor de rest is het podium met name ingeruimd voor het waanzinnig goede spel van de muzikanten hier en natuurlijk voor de onnavolgbare drumpartijen van Harrison (die zijn innerlijke Buddy Rich volkomen ontketent) zelf.

 

Gedurfd

‘Cheating The Polygraph’ is een ontzettend gedurfd werk van één van de beste drummers die deze aarde rijk is. Zijn versie van hoe de big band klinkt is een openbaring an sich en in de afsluitende song ‘Futile’ hoor je dat het allerbest. Zelden een groot koper-ensemble een zo’n complex labyrint van tempo- en schaalwisselingen horen tackelen. Volkomen in de geest van de grote Frank Zappa die van dit album ongetwijfeld genoten zou hebben. Het bewijst tevens het enorme arrangeertalent van Harrison die op dit moment binnen King Crimson verantwoordelijk is voor alle partijen van de 3-koppige drumsectie daar. Het doet uitkijken naar hoe nieuw materiaal van die band zou kunnen klinken als Harrison daarop in arrangeer-opzicht zou worden losgelaten. Tot die tijd kunnen we ons met 'Cheating The Polygraph' tegoed doen aan een album dat progressief tot op het bot is. En dan niet enkel in naam, maar juist in executie. En schaart Harrison zich, net als Govan en Minneman, in het rijtje artiesten dat anderen binnen het genre van de progressieve rock een poepie laten ruiken door precies datgene te doen wat niet van hen verwacht wordt.

 

Namelijk uit het genre stappen. En muzikaal waarlijk voorwaarts gaan.

 

 

Eindoordeel: 8,5/10

Deel via social media: