Zoek...
ALBUM RECENSIE
DOOR SHAZLIQUE
2016-05-16 07:00:00 • 12 min lezen

Purson – Desire’s Magic Theatre

Purson – Desire’s Magic Theatre

Label: Spinefarm

Eindoordeel: 7,5/10

 

 

Back to the retro

Purson is het vehikel van de Britse multi-instrumentaliste en zangeres Rosalie Cunningham die op het debuut al liet horen helemaal geënamoreerd te zijn van de geluiden zoals die in de late jaren ’60 werden gemaakt; toen de psychedelica haar kop op begon te steken. De eerste plaat was met name een vingeroefening waarmee Cunningham verre van tevreden was en dus vliegt ze het op de occulte opvolger, ‘Desire’s Magic Theatre’, wat meer ambitieus aan. En dat pakt eigenlijk heel erg goed uit, mits je even vergeet dat vergelijkbare muziek al een decennia of vijf te verkrijgen is bij de lokale platenboer. Want uiteindelijk is dat natuurlijk de grap bij zovele van deze retro-bands die de markt op dit moment overspoelen. Het is hot n trendy om te klinken zoals vroeger, maar je hoort er pas echt bij als je alleen de sound kopieert en niet de noten. En dat is wat Cunningham en de haren maar al te goed hebben begrepen.

 

Spelen met sferen

Zo opent het album met het titelnummer compleet in ‘Sgt. Pepper’ stijl om vervolgens die kant toch niet op te gaan. In plaats daarvan ontwikkelt de track zich tot een typische glamrock workout om tegen het einde nog een beetje Jethro Tull uit de stal te halen. En daar tussendoor speelt Cunningham met subtiele nuances en tempowisselingen zodat geen enkele track op dit album een karakter van “rechttoe-rechtaan” kent. Dat is het fijne van haar aanpak want hierdoor verveelt de muziek geen moment. Of het nu intermezzo’s uit de wereld van de swing in ‘Pedigree Chums’ zijn of de bijna spookachtige aankleding op ‘Electric Landlady’: Cunningham kiest haar arrangementen zorgvuldig en maakt van elke song een trip die volkomen op zichzelf staat maar die toch volledig past binnen de context van het album als geheel. Natuurlijk glijdt ze ook een paar keer danig uit en zijn songs als ‘The Sky Parade’, ‘The Way It Is’ en ‘The Window Cleaner’ simpelweg niet heel erg bijzonder qua melodie of structuur. Hierop is ook duidelijk te horen dat Cunningham weliswaar meer van haar visie heeft weten te realiseren op dit album, maar dat de zoektocht naar het ultieme nog steeds niet haar gewenste eindstation heeft bereikt.

 

Volwassen stap voorwaarts

Maar met songs als het diverse ‘Mr. Howard’ (dat in de verte wel aan Bigelf doet denken) en het idyllische ‘I Know’ slaat Purson dan toch de plank weer goed raak en krijg je spontaan een grote grijns op je gezicht. Ook afsluiter ‘The Bitter Suite’ voelt als een mooie reis langs een heel scala aan invloeden en is verreweg de beste, meest uitgewerkte track hier. Misschien een wegwijzer van waar het in de toekomst nog heen moet met deze mooie, getalenteerde dame. Op ‘Desire’s Magic Theatre’ zet ze namelijk een volwassen schrede voorwaarts ten opzichte van het debuut, maar toch voelt het album als geheel nog niet helemaal uitgekristalliseerd. Voor een deel ligt dat aan de wat matte productie (of misschien lijkt die mat vanwege het feit dat uw reviewer dit album moest beoordelen vanaf een lagere kwaliteit mp3 die hem door het label ter beschikking werd gesteld), maar sowieso proef je in veel van de composities dat er nog ruimte voor verbetering gelaten is. Alsof Cunningham zelf ook nog niet helemaal vol los durft of misschien bewaart ze dat voor album nummer drie. Lovend is de pers in ieder geval over haar tweede boreling en Mpodia gaat hier gematigd in mee. Nee, dit is niet de verlossing van de psychedelische rock zoals in veel artikelen geopperd wordt en, ja, het album steekt wel degelijk boven de middenmoot uit. Geen klassieker, wel een theater vol toekomstige belofte daartoe.

 

 

Eindoordeel: 7,5/10

Deel via social media: