Zoek...
ALBUM RECENSIE
DOOR SHAZLIQUE
2016-05-21 07:00:00 • 11 min lezen

Stonewall Noise Orchestra – The Machine, The Devil & The Dope

Stonewall Noise Orchestra – The Machine, The Devil & The Dope

Label: SPV/Steamhammer

Eindoordeel: 7,5/10

 

 

Drinkwater

Wat ze daar in Zweden in het drinkwater stoppen weet ik niet precies, maar het zorgt er wel voor dat de haargroei van de rockende populatie daar lekker welig tiert en datzelfde geldt voor het rockgenre in die contreien. Of het laatste het gevolg is van het eerste valt nog te bezien, maar feit blijft dat veel van de meer interessante, harige rockbands van dit moment uit het land van IKEA komen. Stonewall Noise Orchestra is ook weer zo’n product van die omgeving en de Zweedse chefs serveren ons als luisteraars op hun vierde album een lekkere pot stoner rock die kokend heet wordt opgediend en dienovereenkomstig dient te worden opgeslurpt. Opererend ergens op het snijvlak van Queens Of The Stone Age, Spiritual Beggar’s en Motörhead houdt de band het gas goed onder de ketel waardoor het stoom bijna uit je speakers komt in tracks als ‘The Fever’ en ‘Into The Fire’. De vocalen doen in de verte wat denken aan die van Brent Hinds van Mastodon die op hun beurt weer wat lijken op die van Ozzy. It’s all in the game.

 

In de bossen

Het is van dik hout zaagt men planken in de robuuste ronker ‘Don’t Blame The Demons’ dat het geluid voortbrengt dat de houthakkers in de Scandinavische bossen zullen horen wanneer ze er met hun motorzagen op los gaan in de vroege ochtend. Meer catchy zijn vervolgens ‘Superior #1’ en het pompende, op Deep Purple’s ‘Black Night’ lijkende, ‘Stone Crazy’ dat een eremedaille verdient voor z’n opzichtige gebruik van een cowbell in het intro. Node gemist in de hedendaagse rockscene en altijd weer omarmd als een lang verloren, maar dan eindelijk toch teruggekeerde, vriend. De band neemt daarna z’n tijd voor het dik zeven minuten durende ‘I, Servant’ dat wat meer raakvlakken heeft met hun oudere materiaal als ook met het latere werk van hun Noorse broeders Motorpsycho (en een beetje Wolfmother). Heerlijk nummer waarbij je de band lekker in de groove hoort komen terwijl de heftigheid zeker niet vergeten wordt. Tevens een nummers dat, ondanks z’n imposante speelduur, veel te kort voelt. Had nog wel een minuutje of vijf bij gemogen. Het afsluitende titelnummer is tenslotte weer een puike stoner-rocker waarmee de heren op stijlvolle wijze deze veertig minuten durende trip tot een conclusie brengen.

 

Flow

Resumerend kunnen we eigenlijk vrij kort zijn over ‘The Machine, The Devil & The Machine’. Mochten de bands die ik ter illustratie aanhaalde in deze review je aanspreken dan is ook deze vierde van SNO right up your alley. Kernwoord van het album is flow want hier schuilt duidelijk geen enkele pretentie achter en het geheel klinkt bijna achteloos. Gewoon vijf mannen in een hok die de muziek maken waar ze zelf zin in hebben en die er verder ook niet dieper over hebben nagedacht. Dat mag weliswaar de indruk geven dat dit allemaal wat rechttoe rechtaan is, maar dat is zeker niet zo. Dit zijn muzikanten die uitstekend weten hoe ze een compositie interessant moeten houden voor zichzelf (en dus ook voor de luisteraar) en in de liedjes gebeurt dan ook voldoende. Punt van kritiek geldt enkel dat het eerder lekker dan spannend is en dat er vrijwel geen tracks opstaan die een hele diepe indruk achterlaten. Als geheel werkt het echter prima en een ieder die de loggere vorm van rockmuziek een warm hart toedraagt wordt dan ook aangemoedigd het oor eens te luisteren te leggen bij deze Zweden. En, mocht je ze toevallig tegenkomen ergens in een concertzaal: vraag ze dan eens naar wat er in dat water daar thuis zit, o.k.?

 

 

Eindoordeel: 7,5/10

Deel via social media: