Zoek...
CONCERT RECENSIE
DOOR JOKE SCHOT
2013-09-12 07:00:00 • 9 min lezen

De Nacht van de Kaap met een lach en een traan. Tekst Jacques Nachtegaal - Het Collectief N & P

Het was dit jaar de vijfde, een eerste jubileum voor De Nacht Van De Kaap. Een Rotterdams feestje met Nationale gasten. Zo waren naast de absolute ster van de avond, Astrid Nijgh ook Karin Bloemen en bijna Rotterdammer, Richard Groenendijk van de partij.

Op het grote podium op het Dehliplein was Richard Groenendijk de gastheer, hoewel hij dat ietwat verkeerd had begrepen en dacht dat het de Grote Richard Groenendijk show moest worden. Nee, het was geen cabaretavondje en daarbij dient een presentator zich verre te houden van persoonlijke kritieken op collegae, of ongepaste opmerkingen over een met een ambulance afgevoerde bezoekster, maar het meest onprofessionele was toch wel het moment dat hij schuin achter op het podium fotootjes van Karin Bloemen ging staan maken, not done en dat terwijl ik Richard zo hoog had zitten. Hierdoor werkte zijn betrokkenheid bij deze avond niet al te positief uit, daar gelaten dat de door hem gezongen liedjes o.a. duetten met Mylenne D’Anjou en Karin Bloemen van een hoog kaliber waren qua tekstbehandeling en het inleven in het lied maar daarnaast viel hij wel wat door de mand door zijn eerder genoemd gedrag.

Er was veel te beleven op deze jubileumversie. Naast de grote aandacht voort het Internationale drinklied op het grote podium, maar ook in de aan het plein gevestigde etablissementen en in theater Walhalla ook aan dit plein gevestigd waren er tal van alternatieven te zien en horen. Zo waren er verhalenvertellers en zelfs moppentappers zoals Jantje van Diem, die als gast optrad bij Pierre van Duyl in overladen restaurant Kwiezien. Eerder die avond had Van Duyl op eenvoudige wijze duidelijk gemaakt dat de Rotterdammer een enorm chauvinistisch en bekrompen publiek blijkt te zijn. Als hij het prachtige lied van Jacques Brel “De Stad Amsterdam” aanheft begint het merendeel van het aanwezige publiek te joelen en te fluiten. En als Pierre hen dan vraagt of ze echt zo bekrompen en kortzichtig zijn beamen ze dat massaal door nog meer te fluiten. Als van Duyl, een op en top Rotterdams chanteur, dreigt op te stappen maar dan verklaart de mentaliteit van een bokser uit Crooswijk te hebben die steeds weer blijft opstaan, toont het publiek ook nog eens aan zo dom te zijn door niet te begrijpen dat Van Duyl daarmee de link naar Bep van Klaveren aangeeft en daarmee de echt Rotterdamse mentaliteit benoemd. Het publiek blijft morren wat Van Duyl er toe aanzet een van de mooiste en hartgrondigste vertolkingen van dit Brel chanson neer te zetten.

In de Walhalla kantine was er de mogelijkheid voor een kleine meerprijs een Burlesque voorstelling mee te maken. Een beetje in de traditie van het aloude Katendrecht waar vroeger in kleine achteraf zaaltjes heimelijke striptease shows werden gegeven. Na een wat te kort optreden van The Apemen, een Rotterdams indiepop bandje en een dame die als host wek heel erg uitvoerig met het publiek bezig was, was er één razendsnelle en zeer matige Burlesque voorstelling van een broodmager en lijziglang meiske dat blij was het podium weer te mogen verlaten. Het publiek voelde zich wat bekocht en voor de toekomst moet dit zeker een betere screening doorstaan al is het alleen maar om het publiek niet het gevoel te geven toch wel een beetje misleid te zijn.

Nadat rond elven het programma op het hoofdpodium stopte met de odes aan  ‘het Drinklied’ gingen de meeste optredende artiesten met uitzondering van de toppers, verder in de kroegen, restaurants en overige zaken aan het oer Katendrechtse plein. Zo kwam ik onder andere na tweeën nog terecht in restaurant “De Matroos en het Meisje” waar Harry Jan Bus en zijn kompaan het steeds meer toenemende publiek vermaakten met die heerlijke oude Rotterdamse liederen zoals de Jaap en Arie Valkhoff klassieker “Diep in mijn Hart” en liederen als “De Schuit van Blonde Arie”, “Het leven van een Smokkelaar” en natuurlijk het oer-Rotterdamse “Ketelbinkie” en “Ben je in Rotterdam geboren”. En nu maar hopen en afwachten dat Harry Jan Bus ooit die cd met al die Rotterdamse klassiekers van Valkhoff, Beuving, Hoes e.v.a. gaat uitbrengen. Niet alleen Rotterdam wacht er op. Heel Nederland zal het album omarmen, ze zijn elders namelijk niet zo bekrompen chauvinistisch als in Rotterdam.

Deel via social media: