Zoek...
CONCERT RECENSIE
DOOR JAN KLUPPER
2014-09-16 07:00:00 • 11 min lezen

Metropole Orkest met vier concerten populair in Duitsland

Op 12 september reist het Metropole Orkest (MO) per bus naar Duitsland voor een serie concerten. Te beginnen in Hamburg, daarna naar Bremen. Nadat het orkest een andere weg is ingeslagen zonder de Omroep, en tegenwoordig onder leiding staat van de jonge, zeer creatieve dirigent Jules Buckley, maakt het gebruik van de mogelijkheden om met een keur van internationale artiesten samen te werken. Hamburg Het is even aanpoten voor de muzikanten van het orkest, die om half vier ’s-middags aankomen, en om kwart over vier al op het podium van Stadtpark Freilichtbuehne staan voor de soundcheck met Gregory Porter: een Amerikaanse jazz-zanger die vele Grammy’s won, en ook in Nederland bekend is met o.a. het nummer ‘On My Way To Harlem’. Dit is niet de grootste uitdaging van het weekend. Ze hebben immers al eerder met Porter gespeeld, en de nummers zijn het orkest inmiddels bekend. Er staan zo’n 3500 bezoekers te zwingen, en zowel Porter als MO weten te boeien. Er worden twee sets gespeeld: een van zeven en de andere acht nummers. In de eerste set komen meteen al de bekende nummers voorbij zoals ‘On My Way To Harlem’. Na de pauze pakken ze de draad op met “Hoochie Coochie Man”.Het publiek, dat gedurende het gehele concert op het grasveld voor het podium staat,  is zo enthousiast, dat de orkestleider niet anders kan dan na de twee bisnummers, nogmaals naar het podium terug te keren voor het laatste bis-nummer.  Bremen Na het concert in Hamburg meteen in de bus naar Bremen. Hier wacht een serie van drie concerten in het BLG Forum, een soort fabriekshal. Hier is voor gekozen om nog dichter bij het publiek te staan dan bijvoorbeeld in een concertgebouw. Te beginnen met soundchecken in de middag, ter voorbereiding op de uitdagingen van vanavond, want die zijn er. De Cubaanse pianist Gonzalo Rubalcaba speelt zijn zelf gecomponeerde moeilijke stukken, die echt ingestudeerd moeten worden. ’s-Avonds tijdens het concert blijkt het orkest de moeilijke frases onder controle te hebben. Drummer Martijn Vink en percussionisten Marcio Doctor en Frank Wardenier spelen  een wat prominente rol vanwege de Cubaanse ritmes die kenmerkend zijn voor de nummers van Rubalcaba. Ondanks dat zijn muziek complex is, en soms wat bombastisch, ligt het wel goed in het gehoor. Het herbergt zeker een  tederheid, iets wat door het orkest subtiel wordt onderstreept. Bijdragen van solisten als Paul van der Feen (saxofoon) en Martijn de Laat (trompet) laten de Amerikaanse Jazz invloed in de muziek van Rubalcaba meer uitkomen. Dan verschijnt de kleine Laura Mvula, in een opvallend jurkje. Ze heeft een dijk van een stem, en doet me, alhoewel ze een geheel eigen stijl heeft, een beetje aan Shirley Bassey denken. Ook zij zingt haar eigen nummers die te vinden zijn op het album ‘Laura Mvula with – Metropole Orkest’. Met het openingsnummer ‘Like the Morning Dew’  heeft ze volledig de aandacht te pakken, en boeit gedurende haar hele concert met lieflijke, sentimentele nummers. Gregory Porter Ook in Bremen komt Porter ten tonele. De duur van zijn aandeel is natuurlijk korter dan het avondvullend programma in Hamburg. De opening is hetzelfde met ´Painted On Canvas´, en natuurlijk passeren zijn hits als “On My Way To Harlem”  en “1960 What?”.  Het nummer “Work Song” kent een intro voor piano dat schitterend wordt vertolkt door Hans Vroomans. In Hamburg een langere versie dan in Bremen, maar daardoor niet minder pakkend. Een zeer gewaardeerde verrassing is het duet met Laura Mvula “Water Under Bridges”. Grappig dat Jules Buckley tijdens de soundcheck met Mvula de stem van Porter waarneemt, omdat deze daar nog niet aanwezig is.  Ook het ““Hoochie Coochie Man”, waarin Porter meer entertainmentkwaliteiten vertoont, slaat aan bij de toehoorders in Bremen.  Dat zijn muziek tijdloos is, blijkt uit het feit dat er nog veel nummers worden gespeeld van zijn eerder verschenen albums “Water” (2010) en “Be Good” (2012). Maar ook voor hem staat de tijd niet stil, en verwijst hij naar zijn in 2013 verschenen album ‘Liquid Spirit’ met het gelijknamige titelnummer en ‘Musical Genocide’. De muziek van Porter is innemend, zoals de man zelf ook is. De samenwerking met MO is formidabel, en zeker geen éénrichtings verkeer. In tegenhang van de krachtige, warme stem van Porter, durft Angelo Verploegen het tegen hem op te nemen met warme solo’s op trompet, terwijl Bart van Lier (trombone) het publiek tot gillen en schreeuwen weet aan te zetten. De bijdrage van het Metropole Orkest is echter bij alle drie de soloartiesten van deze avond bijna voelbaar in de klankleur en de sfeer waarin het gepresenteerd wordt. Het legt de muziek net even op de bovenste plank.  Ook in Bremen geeft het publiek uiting aan waardering door op de tribune met de voeten te stampen, te roepen voor meer. Tijdens dit concert zijn er video-opnames gemaakt, die gelijktijdig zijn uitgezonden op de parkeerplaats buiten de hal, waar grote schermen staan opgesteld. Conclusie De tour naar Duitsland is een succes, en er zullen weinig of geen mensen zijn die ontevreden naar huis zijn terugekeerd.  Ook in Duitsland heeft het Metropole Orkest met deze serie concerten aan populariteit gewonnen.

Deel via social media: