Zoek...
CONCERT RECENSIE
DOOR JAN KLUPPER
2012-06-14 07:00:00 • 12 min lezen

Ton Koopman en het Amsterdam Baroque Orchestra verbazen je

We bevinden ons in de Waalse Kerk te Amsterdam. Een redelijk kleine kerk, maar met een prachtige akoestiek. En hoewel de muziek van Bach overal een genot voor het luisterorgaan is, is dit toch wel een uitzonderlijk decor voor dit interessante concert. ’s Lands beroemdste Bach-interpreet Ton Koopman treedt op met het door hem zelf opgerichte Amsterdam Baroque Orchestra met de sopraan Dorothee Mields.  Op het programma staat de Suite 1 in C (BWV 1066), 2 solocantates (‘Jauchzet Gott in allen Landen!’ (BWV 51) en ‘Weichet nur, betrübte Schatten’ (BWV 202) en het 3e Brandeburgs Concert in G (BWV 1048). Een sterk afwisselend programma dus.  Wereldse kwaliteit De sopraan is van wereldklasse. Haar stem vult de kerk niet in de zin van dat iedere hoek gevuld is met een pregnante stem, maar het lijkt alsof haar stem (gepast) bescheidener is; het lijkt alsof ze de moleculaire structuur van de muren onder de loep neemt en vervolgens hierin haar klanken op een subtiele wijze verweeft. Mields verdeelt de kracht van haar stem heel geleidelijk; hoog klinkt niet geforceerder dan laag. Ze maakt de grootste sprongen zonder te veel in te boeten aan sfeer en dynamiek. De stem is niet imposant maar intiem. En juist hierdoor ontstaat er een unieke band tussen de uitvoerenden en publiek. De sfeer tussen de muzikanten onderling draagt hier ook aan bij. Het Amsterdam Baroque Orchestra werkt vooral op projectbasis, daarom is het belangrijk dat er in een korte tijdsspanne een hechte connectie ontstaat. De heimelijke glimlach van Mields naar de trompettist tijdens BWV 51 zegt genoeg; er wordt met plezier gemusiceerd. Ze zeggen wel eens dat Bach heel erg technisch klinkt, maar Koopman, het orkest en de zangeres weten deze beschrijvingen van Bachs muziek ver achter zich te laten.   Hoogwaardige prestatie De prestaties van het orkest zijn ook kwalitatief hoogwaardig. Onder de bezielende leiding van Koopman weet het orkest zich als één man te scharen achter de authentieke doch frisse Bach-interpretatie. Ze zitten allemaal op één lijn en dat zorgt er voor dat het orkest zich kan beroepen op een indrukwekkend autocorrectief vermogen, mocht er iets onvoorziens gebeuren. Koopman heeft dan ook niet veel gebaren nodig. Op één moment spelen de violen iets uit balans, maar ook hier wordt artistiek hoogwaardig op gereageerd; geen abrupt terugdeinzen, maar een gradueel diminuendo, spelend met de dynamiek als concept zelf. De technische kwaliteiten van de trompettist, Dave Hendry, kunnen ook niet onvermeld blijven. Moeiteloos weet hij elke triller fraai te doseren. Hij treft elke noot accuraat. Iets dat om waardering schreeuwt gezien de razend moeilijke partijen voor de natuurtrompet. Mooier is onmogelijk Dit is zonder twijfel de crème de la crème van de Nederlandse Bach-scene. Het publiek geniet van elk moment en de musici lijken hetzelfde te doen. Na afloop zijn er nog bubbels. Een mooiere avond kun je bijna niet wensen.

Deel via social media: